
was oorspronkelijk een drassige vlakte tussen twee heuvels, het Capitool en de Palatijn. Veertig graven uit de ijzertijd werden er ontdekt in 1902. De oudste graven bevatten asurnen; de jongste houten kisten met geraamten en gebruiksvoorwerpen. De twee verschillende begrafenisvormen verwijzen naar het samenwonen van twee volkeren in het gebied, de Latijnen en de Sabijnen, zoals ook de legendes vertellen (Livius). De graven zijn bewaard in het Antiquarium van het Forum.
Geleidelijk werd de ruimte tussen Capitool en Palatijn
verzamelplaats en trefpunt van de snel aangroeiende bevolking van de Romeinse
heuvels. Nog onder de Etruskische koningen werd het plein gedraineerd en geplaveid.
Dit mogen we als de echte "stichting" van Rome beschouwen. Niet
de Romeinen, maar de Etrusken hebben dus de stad Rome gesticht. Daartoe werd
als afwateringskanaal en riolering de Cloaca Maxima of centrale riool aangelegd.
Van deze eerst open en pas veel later overwelfde riolering kan men nu nog
de uitmonding zien in de Tiber. De diameter van de overwelfde Cloaca Maxima
was groot genoeg om er door te varen in een bootje voor de noodzakelijke controle.
Op het forum begonnen tempels te verrijzen: die van Saturnus aan het ene uiteinde,
bij de helling naar het Capitool toe, die van Vesta aan het andere. De marktkramen
werden barakjes en dan vaste winkeltjes. De veemarkt verhuisde naar een plein
bij de Tiber, dat dan ook Forum Boarium of Rundermarkt ging heten en de groentenhandel
naar een naburig plein, dat dan het Forum Olitorium of Groentenmarkt werd.
Op het forum zelf bleven mettertijd alleen de wisselkantoren en de winkels
met luxe-artikelen over. Intussen had men de eerste basilica gebouwd, een
overdekte hal waarin men beschut was tegen zomerhitte of winterregens en men
kon wandelen, vrienden ontmoeten, zaken afhandelen (zoals in onze beursgebouwen)
en waar ook de rechtbank kon zetelen. Voor de wetgevende volksvergadering
of comitia was de noordwestelijke hoek gereserveerd: daar lag het Comitium
met de sprekerstribune of rostra en stond het senaatsgebouw of curia.
Zo was het forum geleidelijk ontwikkeld tot een combinatie van Wetstraat,
Wall Street en Vaticaan. Op dat plein werd gepleit, gevonnist, gevochten,
het volk tot revolutie opgezweept, kwamen triomftochten en stoeten voorbij,
werden lijkredes uitgesproken bij de lijkbaar van grote mannen, kwamen gezanten
uit de halve wereld hun opwachting maken bij de senaat, werden de beslissingen
genomen die voor alle landen bij de Middellandse Zee bindend waren. Ook toen
onder het keizerrijk de beslissingen non alleen van de keizer uitgingen, bleef
het forum het magische middelpunt van de stad en het imperium. Het Forum werde
echter te klein en de keizerlijke fora werden gebouwd.
Eerste wetenschappelijke opgravingen in 1788, maar systematische sedert begin 19e eeuw. Klik hier voor een plattegrond van (een deel van) het forum.
De weg volgt ongeveer het midden van de vallei, vanaf de Velia (Boog van Titus) tot aan de voet van de Capitolinus. Daar klimt hij als de Clivius Capitolinus (het Capitolijnse pad) de heuvel op. De naam 'heilig' wijst op het oud karakter. De breedte bedraagt ongeveer 6 m. De zichtbare basaltstenen dateren van het begin van de keizertijd. In plaats van sacra via gebruiken velen via sacra, waarbij je natuurlijk terugdenkt aan de beroemde satire van Horatius. (Ibam forte via sacra, sicut meus est mos....)
Enkele zijstraten vertrekken van de Via Sacra, zoals de Vicus Tuscus (de Etruskische straat), die van het Forum naar de Tiber loopt.
Basiliek
van Aemilius - Basilica Aemilia (179 v.C.)Tweede oudste van de Romeinse basilieken, gebouwd door M. Aemilius Lepidus en M. Fulvius Nobilior. Meermalen hersteld. Een basilica is bij de oude Romeinen geen religieus gebouw! De basilica Aemilia werd vooral gebruikt als beursgebouw.
Van het gebouw zijn enkel resten bewaard. Het was 30 m. breed en 100 m lang. Een breed en hoog middenschip stak uit boven zijschepen. Daardoor kon veel licht in de basilica binnenvallen. Het zijschip aan de forumkant was ingenomen door winkels en kantoren. Drie poortdoorgangen voerden tussen die winkels in de eigenlijke basilica binnen. Op de marmeren vloer vind je hier en daar groene vlekjes. Het zijn waarschijnlijk sporen zijn van koperen munten, daar gesmolten door de hitte van de brand die de basilica verwoest heeft toen de Gthen in 410 onder koning Alarik Rome plunderden.
Oorspronkelijk bezat de vallei geen voldoende afwateringssysteem. De Etruskische koning Tarquinius Priscus liet een grote beek graven, waardoor de vallei volledig droog werd gehouden en het Forum kon uitgroeien tot het centrum van de stad.
In de 2e.v.C. werd de beek volledig ingekokerd. Ze mondt nog steeds uit in de Tiber, tussen het eiland en de moderne Ponte Palatino.
Plaats van de oudste tempel van Rome, gebouwd door Numa Pompilius en opgevat als een poortgebouw over de Argiletumstraat. De poorten werden in vredestijd gesloten gehouden.
Plaats van samenkomst voor de volksvergaderingen (comitia) sedert de koningstijd tot Julius Caesar. Aan de noordzijde stond de Curia Hostilia, het eerste senaatsgebouw, opgericht door Numa Pompilius (op de plaats van de koepelkerk). Aan de zuidzijde stonden de rostra (het spreekgestoelte) en de graecostasis (de tribune voor de buitenlandse gezanten).
Vermoedelijk een overblijfsel van een heiligdom ter ere van de legendarische stichter Romulus. Op een afgeknotte zuil is de oudste Latijnse tekst gebeiteld, een vermaning dat de schenners van het heiligdom streng zullen gestraft worden (bewaard in een kelderruimte).
Begonnen door Caesar ter vervanging van de uitgebrande Curia Hostilia, het oude senaatsgebouw op het Comitium. Voltooid en ingehuldigd door Augustus. Hersteld door Diocletianus. De curia dankt haar voortbestaan aan het feit dat men er in de middeleeuwen en kerk heeft van gemaakt. Gerestaureerd in 1930-1936.
Beeld je het gebouw in, helemaal met marmer bekleed. De oorspronkelijke bronzen poort dient tot middendeur van Sint-Jan-van Lateranen: de overwinning van het chrsitendom op het heidendom.
Afmetingen: hoogte 21 m, breedte 18 m, lengte 27 m.
Interieur:
![]() |
![]() |
Laatste monument van het Forum, ter gelegenheid van de schenking van het Pantheon door de Byzantijnse keizer Phocas aan paus Bonifatius 4.
Triomfboog
van Septimius Severus (203 n.C.)Opgericht door Caracalla en Geta, zonen van keizer Septimius Severus, voor zijn tienjarig ambtsjubileum en zijn overwinning op de Parthen in het Oosten. De inscriptie verheerlijkt de keizer en zijn zoon Caracalla, oorspronkelijk ook nog zijn tweede zoon, Geta. Deze werd door Caracalla uit weg geruimd. Caracalla liet Geta's naam uit alle monumenten wegkappen. De sporen van deze operatie zijn nog heel goed te zien. Op de reliëfs wordt de zege van de keizer op de Parthen, Rome's belangrijkste tegenstander in het oosten, verheerlijkt.
Afmetingen: hoogte 20,88 m, breedte 23,77 m, diepte 11,20 m. Drie bogen. Reliëfs: strijd tegen de Parthen.
Begonnen door Caesar en voltooid door Augustus, ter vervanging van het oude spreekgestoelte op het Comitium.
Ter ere van Saturnus, de italische godheid van zaad (serere, satum: zaaien) en wasdom. Herbouwd in 42 v.C. en hersteld na de brand van 283 n.C. Zeszuilige peripteros, Ionische orde. Het feest van de Saturnalia werd op 17 december gevierd en is te vergelijken met ons karnaval. Het rollenpatroon meester-slaaf werd omgekeerd. Bewaard: zes zuilen met architraaf van de voorgevel, één zuil van de zijkanten.
Trappen voerden naar het aerarium, de schtakist. De quaestores hadden er hun kantoor.
Portiek
van De Twaalf Goden - Porticus deorum consentium (367 n.C.)Zuilengalerij naar Grieks voorbeeld met godenbeelden. Corinthische orde.
Bewaard: twaalf zuilen met architraaf.
Twee onder elkaar gelegen ruimten. De onderste, het Tullianum, zou dateren uit de eerste tijd. Beroemde gevangenen: Jugurtha ("Romeinen, wat is jullie badkamer toch koud !"), Vercingetorix, de aanhangers van Catilina, wellicht Petrus en Paulus. Later genoemd: Mamertijnse gevangenis (onder kerkje).
![]() |
|
![]() |
Basiliek
van Julius Caesar - Basilica Julia (54 v.C.)Begonnen door Caesar, voltooid door Augustus en hersteld door Diocletianus. Groots geheel van vijf beuken met open gehouden zijden. Van de basilica zelf is het grondplan duidelijk te herkennen:aan weerszijden van een centrale hal van 82 bij 18 m lopen twee smallere zijbeuken; aan de noordwestkant sloot een muur het complex af en waren er ruimtes die dienden tot burenu's of opslagplaatsen; daarvan is nog iets te zien. Op de trappen die naar het basilica-podium voeren,zijn hier en daar in de steen gegrifte tabulae lusoriae te zien, figuren voor kans- of denkspelletjes waarmee men de tijd doodde. De basilica Aemilia was in de eerste plaats de beurshal van Rome, de basilica Julia was in de eerste plaats gerechtshof. Veelal waren er verschillende processen tegelijk bezig en het rondslenterende publiek kon er genieten van de welsprekendheid van al wat naam had aan de romeinse balie.
101
x 49 m.
Tempel
van Castor en Pollux - Aedes Castrorum (484 v.C.)Ter ere van de Dioscuren, de tweelingbroers Castor en Pollux, beschermgoden van de ruiterij (equites). De tempel dateert in zijn oudste vorm uit de eerste decennia van de5e e.v.C. en zou gebouwd zijn na de slag bij het Regillusmeer, waarin de verdreven koning Tarquinius met de hulp van Latijnse bondgenoten gepoogd zou hebben Rome weer te onderwerpen. In de loop van die slag zouden nl. twee bovenaardse ruiters verschenen zijn om de Romeinen te helpen; nadien zouden ze ook nog de zege in Rome zijn komen verkondigen.Wederopbouw door Augustus in 6 n.C.
Achtzuilige peripteros, Corinthische orde.
Centrum van de lijkdienst voor maten en gewichten en van de geldwissel.
Bewaard: hoge onderbouw en drie prachtige Corinthische zuilen met architraaf.
Tijdens de Koningstijd: ambtswoning van de koning, gebouwd door Numa Pompilius.
Sedert de Republiek: ambtswoning van de pontifex maximus, o.m. Julius Caesar.
De regia bevatte een heiligdom van de oorlogsgod Mars en een van de oorlogsgodin Ops.
Bewaard: fundamenten onder een metalen dak.
Tempel
Van Vesta - Templum Vestae (ca 700 v.C.)Gesticht door Numa Pompilius ter ere van Vesta, godin
van het haardvuur. Laatste wederopbouw door keizer Septimius Severus ca 200
n.C. in Corinthische orde. Gedeeltelijk gerestaureerd in 1930. De ronde vorm
toont dat je met een oud heiligdom te doen hebt; het tempeltje heeft nl. de
vorm bewaard van de oudromeinse hut, de voorgangster van het (etruskische)
atrium-huis. Uit eerbied voor de traditie heeft men bij elke nieuwe wederopbouw
vol ontzag de oorspronkelijke vorm bewaard. Oorspronkelijk was het
tempeltje opgetrokken uit hout en vlechtwerk, en had het een dak van stro,
zoals oude hutten. Dat het regelmatig afbrandde,
hoeft dan ook niet te verbazen, aangezien dag en nacht het heilige haardvuur
brandend moest worden gehouden. Ook toen men in duurzamer
materiaal bouwde, bleef liet brandgevaar reëel.
Zoals Saturnus de arbeid van de man op liet veld moest zegenen, zo moest Vesta
liet werk van de vrouw in het huis beschermen. Het tempeltje was dan ook een
typisch vrouwelijk heiligdom. Nooit mocht een man de cella betreden; de vrouwen
mochten dat gedurende de Vesta-
feesten of Vestalia van 7 tot 15 juni. liet was ook de enige tempel zonder
beeld: het heilige vuur verving het beeld van de godin.
Aangezien Vesta, evenals Diana en Minerva, een maagdelijke godin was, moesten
haar priesteressen zelf ook maagd zijn. Een andere aanwijzing dat het tempeltje
oeroud moet zijn, bieden de bescheiden afmetingen: het is ondenkbaar dat men
in latere tijden een zo belangrijke tempel zo klein zou hebben gebouwd; de
afmetingen moeten die zijn van de oorspronkelijke tempelhut. De ronde vorm
zal op Renaissancekunstenaars een grote invloed uitoefenen.
Huis
van de Vestaalse Maagden - Atrium Vestae De laatste wederopbouw van het woonhuis dateert van keizer Septimius Severus, in de vorm van een groot peristylium, een binnentuin met galerijen en vertrekken in twee verdiepingen.
Achter de Tempel van Vesta ligt het Atrium van de Vestaalse maagden, de menselijkste en meest sfeervolle plek van het Forum Romanum. Rondom een peristylium met waterbekkens en bloemperken, afgeboord met beelden van Vestaaalse Maagden rees het twee verdiepingen tellende woonhuis, met beneden de dienstvertrekken en boven de privé-kamers van de priesteressen. Er waren er altijd 6, en ze moesten die taak gedurende 30 jaar vervullen. De Pontifex Maximus koos ze uit de adellijke geslachten van Rome en voor de ouders van het meisje gold die uitverkiezing als een bijzonder grote eer. In de regel was het meisje tussen de 6 en de 10 jaar oud, wanneer ze aangewezen werd om Vestaalse te worden. Tien jaar was ze dan 'leerlinge', tien jaar verrichtte ze tempeldienst, tien jaar leidde ze een leerlinge op. Daarna was ze vrij om weg te gaan en te trouwen.
Het
werk van de Vestaalse maagden bestond in de zorg voor de cultus van Vesta, het
deelnemen aan de officiële plechtigheden en offers van de staat en het
bidden voor het welzijn van de staat. Ze genoten een heel bijzonder aanzien:
zelfs de consul woest hen voorrang verlenen. Omdat ze niet zoals de andere hoge
dames in de zomer naar de koelere Albaanse bergen of de zee konden trekken,
richtte men hun verblijf zo in dat het een stukje groene oase was midden tussen
de pleinen en gebouwen van het Romeinse centrum. Bevreemdend voor ons is wel
dat die Vestaalse maagden zoals iedereen naar de mensonterende gladiatorengevechten
gingen kijken, en daar zelfs voor tien gereserveerde ereplaatsen hadden. In
de inscripties op de voetstukken van de beelden (de mooiste beelden staan in
het Thermenmuseum) valt de afkorting V.V.M. op: Virgo Vestalis Maxima. Het zijn
dus beelden van de oversten der Vestaalsen. De vorm van de letters bewijst dat
de beelden uit de 3e e. en later stammen.
Tempel
van de vergoddelijkte Antoninus Pius en Faustina (141 n.C.)Opgericht door keizer Antoninus Pius voor zijn overleden en vergoddelijkte echtgenote Faustina. Na zijn dood werd de tempel ook aan hem toegewijd.
Prostylos op hoge onderbouw (stylobaat), typisch voor de Romeinse tempels (tegenover de Griekse): zes zuilen vooraan en drie aan de zijkanten. De zuilschachten zijn marmeren monolieten van 17 m hoogte. Corinthische kapitelen. Best bewaarde tempel wegens de ombouw tot de kerk San Lorenzo in Miranda (11e eeuw en barok). Heet opschrift in littera quadrata is nog heel goed leesbaar.
De foto werd genomen vanuit het atrium van de Vestaalse Maagden.
Koepelvormige goed bewaarde tempel ter ere van de Penaten, de geesten van de voorvaderen. Originele bronzen poorten
Basiliek van Maxentius en Constantijn(ca 312 n.C.)
|
|
|
Begonnen door keizer Maxentius die zijn hoofdstad van Milaan terug naar Rome wilde brengen (tetrarchie van Diocletianus); voltooid door keizer Constantijn, na zijn overwinning op Maxentius bij de Milviaanse brug in 312. De basilica werd vooral gebruikt voor processen van burgerlijk recht. De indrukwekkende gewelfconstructies dienden tijdens de Renaissance als voorbeeld voor Bramante voor zijn ontwerp van de nieuwe Sint-Pietersbasiliek. |
Gebouwd door keizer Domitianus voor zijn
vergoddelijkte broer en voorganger Titus, ter herinnering aan zijn onderdrukking
van de Joodse opstand en de verwoesting van Jeruzalem in 70 n.C. De boog staat
op de top van de Velia.
De reliëfs in de boogdoorgang hebben zowel historisch als artistiek gezien
bijzondere waarde. Ze stellen de triomfstoet van Titus voor. Aan de zuidzijde
dragen met laurier bekranste soldaten oorlogsbuit mee: de zilveren trompetten
van de joodse tempelpriesters en de heilige zevenarmige kandelaar. De stoet
is net door een triomfpoort getrokken die door twee vierspannen bekroond wordt.
Op de andere zijde is de centrale episode van elke triomfstoet uitgebeeld:
de opperbevelhebber op zijn vierspan, waarvan de paarden aan de teugel worden
geleid door de godin Roma, terwijl de godin Victoria hem de zegekrans boven
het hoofd houdt. Lictoren met de fasces gaan het vierspan vooraf. Op dit reliëf,
zoals op die van de Ara Pa-
cis en die uit Trajanus' tijd, ontmoeten de griekse zin voor het algemene
en eeuwige, in de vorm van idealisering van de werkelijkheid (zie het evenwicht
van de compositie en de elegantie en natuurlijkheid van de bewegingen) en
de romeinse voorliefde voor het concrete, historische, eenmalige, elkaar en
scheppen in die ontmoeting een bijzonder geslaagde en aantrekkelijke vorm
van kunst. Op het gewelf van de boog wordt Titus door de adelaar, de vogel
van Jupiter, ten hemel gevoerd, wat duidt op zijn vergoddelijking: de boog
is dus pas na zijn dood voltooid; ook het opschrift divo Tito, 'aan de vergoddelijkte
Titus', wijst daarop.
Tempel
van Venus en Roma(135 n.C.)Grootste van de Romeinse tempels, groter dan 2 voetbalvelden samen, gebouwd door keizer Hadrianus. Twaalfzuilige peripteros met dubbel tempelhuis, omgeven door zuilengalerijen. Grote delen en veel zuilen bewaard. Daar had indertijd het atrium gelegen van Nero's reusachtige Domus aurea of gouden paleis en in dat atrium had het kolossale beeld van Nero gestaan, uit verguld brons gegoten. Na Nero's dood had men het tot het beeld van de zonnegod, Sol, ongevormd. Hadrianus heeft het met behulp van 24 olifanten laten verslepen tot vlak bij het Colosseum, waar nu nog een plaat in het plaveisel aangeeft waar het gestaan heeft.
De
tempel zelf, gebouwd naar een eigen ontwerp van Hadrianus, mat 110 bij 53 m
en de hoogte (zie de resten van de dubbele cella) was in verhouding daarmee.
Die verheerlijking (en vergoddelijking) van de door het eeuwige Fatum geleide
stad moest de aanspraken van de staat op gehoorzaamheid een goddelijk en dus
absoluut karakter geven.
De tempel had twee cella's. In de ene stond het beeld van Venus, niet als
godin van de liefde, maar als moeder van Rome. De mythologie vertelt immers
dat zij de moeder was van Aeneas, de stamvader van de Romeinen, wiens zoon
Ascanius of Julus de stichter was van de gens Julia. In de andere cella
stond het beeld van de godin Roma.
De antieke basiliek is een burgerlijk bouwwerk, gebruikt voor verschillende doeleinden: rechtspraak, beursverrichtingen, markthal, allerlei samenkomsten.
De plattegrond is rechthoekig, soms met een halfkoepel aan de voorzijde afgesloten. De middenbeuk is gewoonlijk door zuilengalerijen omgeven, zodat een geheel ontstaat, gevormd door een breed middenschip met twee of vier zijbeuken. De overdekking gebeurt door een houten hangkap of een stenen gewelf.
In de loop van de tijden werden op het Forum Romanum zes basilieken gebouwd.