Assisi: de stad en de omgeving

Biografie S. Franciscus

Via San Francesco: van de Piazza S. Francesco kan men door de interessante middeleeuwse Via S. Francesco (die verder Via del Seminario en Via Portica heet) de Piazza del Comune bereiken. 
Bezienswaardigheden langs de Via S. Francesco: 

Piazza del Comune

 

Minervatempel (uit de eerste jaren van de Romeinse keizertijd); in 1539 veranderd in een kerk, de S. Maria sopra Minerva

Naast de Piazza in de Vicolo S. Antonio het Oratorio di S. Francesco Piccolino, het geboortehuis van de H. Franciscus.  Op deze Piazza: de Chiesa Nuova, de enige na de 15e eeuw in Assisi gebouwde kerk (1615).

 

Dom S. Rufino: Romaanse kerk, midden 12e eeuw; architect was Giovanni da Gubbio. De gevel is een van de mooiste in de Romaanse stijl van UmbriŰ. De kleine loggia is karakteristiek Pisaans. In het interieur (verbouwd in 1571 door G. Alessi): de doopvont, waarin o.m. Frederik 2, de H. Clara en de H. Franciscus gedoopt werden. De Sacramentskapel bezit fresco's van A. Carloni. In de apsis houten koorgestoelte (1520). Links in het priesterkoor een houten PietÓ (Duits, 15e eeuw). Onder de klokketoren een Romeinse cisterne. Bezienswaardig is ook de crypte (ingang op de Piazza), rest van een voormalige basiliek uit de 11e eeuw (fresco's 11e eeuw; sarcofaag 3e eeuw).

De gevel van de San Rufino heeft een mooi centraal tympaan(vroegromaans): in het midden de tronende Christus, tussen maan en ster, links de zogende Maria, rechts de H. Rufino, martelaar uit de 3e eeuw

 

S. Chiara: de bouw begon in 1257. De gevel is een imitatie van de bovenkerk van de S. Francesco.  Let op de enorme steunberen.

Het lichaam van de S. Chiara (H. Clara) kan men zien in de crypte (gebouwd in 1850).

Het leven van de H. Clara, een schitterend paneel van de anonieme 'Maestro di S. Chiara', 1283

In verschillende taferelen, wordt op een na´eve manier de geschiedenis van S. Chiara verteld.

Clara is in Assisi geboren in 1194. Ze stierf er in 1253. Op 18-jarige leeftijd ontving zij uit de handen van Franciscus het boetekleed. Andere vrouwen sloten zich bij haar aan, en gedurende 42 jaar bestuurde zij de nieuwe kloosterfamilie van de 'Arme Claren'. Het kloostertje van San Damiano (zie verder) getuigt van de door haar radicaal beleefde armoede.

 

In de Cappella del Crocefisso het Kruisbeeld dat in de kerk San Damiano tot de H. Franciscus sprak. 

 

Door de Via S. Agnese en de Via S. Antonio bereikt men de Piazza del Vescovado, waar de H. Franciscus de rijkdom van zijn vader afzwoer. 

De S. Maria Maggiore, in 1163 gebouwd op de resten van een vroegchristelijke kerk uit de 7e of 9e eeuw, zelf gebouwd op de plaats van een heidense Apollotempel. Het driebeukig interieur is onregelmatig en sober. Fresco's uit de 12e en 14e eeuw. Aandacht verdient het tiburium (waarschijnlijk naar Provencaals model en vrij zeker enig in ItallŰ).

 

S. Damiano: typisch Franciscaans geheel; heeft de oorspronkelijke sfeer tot heden bewaard. Men bereikt dit klooster over een landweg.  Vertrek hiervoor van de parking van de Porta Nuova.

S. Damiano geldt als de plaats waar S. Franciscus het meest gewerkt en gebeden heeft: de jongeman werd er door de Gekruisigde toegesproken. Hier vestigden zich ook de eerste Clarissen. 

Onder de drie arkaden van de bogengang fresco's uit de 15e en 16e eeuw. In de kleine ÚÚnbeukige kerk fresco's uit de 14e eeuw (taferelen uit het leven van de H. Franciscus, gesprek met de Gekruisigde). Indrukwekkend is het Koor van de Clarissen (de houten banken zijn nog uit de tijd van de heilige); kloostertuin en refter van de zusters (fresco's door Dono Doni).

In dit klooster zou S. Francesco zijn beroemde Cantico delle Creature geschreven hebben.

 

S. Maria degli Angeli (in de vlakte): de architect, G. Alessi, begon de bouw in 1569. De klokketoren werd opgetrokken in 1678-84. Een aardbeving beschadigde in 1832 de basiliek. De huidige gevel

stamt uit 1928. Links een fontein uit 1610. In het driebeukig interieur vind je de z.g. Portiuncula-kapel, een kleine kapel waar de H. Franciscus zich met zijn monniken in 1211 vestigde. Op 19 maart 1212 liet de jeugdige Clara zich hier door S. Franciscus de haren afknippen om non te worden. Op de gevel van de Portiuncula een fresco door Johann Friedriech Overbeck. Het interieur is zeer sober, de enige versiering is een groot paneel boven het hoofdaltaar door Ilario da Viterbo (1393). 

Achter de rechterzuil van de koepel de Cappella del Transito; hier stierf de H. Franciscus. Het beeld op het altaar is van Andrea della Robbia. In de vijfde kapel rechts (gerekend van de ingang) ziet men op een fresco, hoe de basiliek er vˇˇr de aardbeving van 1832 uitzag.
In het rechterdwarsschip van de kerk een rijk versierd altaar uit de late 17e eeuw. Bezienswaardig is ook de rozentuin.

 

 

Rocca Maggiore/Burcht: gebouwd vˇˇr de 11e eeuw; verwoest in 1198; de heropbouw begon in de 14e eeuw op bevel van kardinaal Egidio Albornoz en duurde tot de 16e eeuw.

Bovendien bezienswaardig: de resten van het Romeinse amfitheater bij de Porta Perlici. 

 

Omstreken 

Eremo delle Carceri (5 km van de Porta dei Cappuccini): de in het dichtbegroeide bos gelegen plek, waar S. Franciscus vaak mediteerde.  Het klooster werd in de eerste helft van de 15e eeuw gesticht door Bernardino da Siena.

Klik hier voor een wandeling naar de Eremo 

 

Tugurio di Rivotorto (aan de snelverkeersweg naar Rome): plaats, waar de Franciscaanse Orde gesticht werd. In de kerk (na de aardbeving van 1854 opnieuw opgebouwd) bevindt zich het armtierig huisje (tugurio), waarin de monniken na de stichting van de Orde woonden van 1209 tot 1211.

 

Assisi, deel 1: de basiliek S. Francesco

Vond je deze bladzijden interessant?  Zijn er tekorten, aanbevelingen? Laat het me weten.

     Terug naar de Homepage Toscane/Umbria

Bezoek ook eens de homepage Italiaanse kunst

Ben je op zoek naar een vakantiewoning in Toscane of UmbriŰ?  Bezoek onze commerciŰle website 1 (Toscana) en website 2 (Umbria).