Da Rembrandt a Vermeer

Vreemd, die typisch Nederlandse namen met Italiaanse voorzetsels... En toch niet: de Italianen houden van onze schilders uit het noorden, de Vlaamse Primitieven en de Nederlandse Gouden Eeuw, zoals wij van de Italiaanse kunst houden.

Rome begint zich meer en meer als tentoonstellingsstad te profileren. Spijtig genoeg vaak in de winter, als de meeste Italiëreizigers thuis zijn.

Nu is er deze schitterende tentoonstelling in het Museo del Corso, dat ligt in de bekende Via del Corso, op enkele meter van de Spaanse Trappen en de Via Condotti met zijn modezaken. Een ideale gelegenheid om vertier en kunst te combineren.

De werken die tentoongesteld worden zijn een keuze uit de rijke verzameling 17e-eeuwse kunst van de Gemäldegalerie van Berlijn. De directeur van dit gerenomeerde museum, Berndt Lindemann, staat persoonlijk in voor de keuze.

Het grootste deel van de werken komen uit de noordelijke Nederlanden; een paar werken zijn van Vlamingen, zoals Van Dijck. Italianen blijven Vlaanderen, België en Nederland door elkaar halen, ze spreken van de Paesi Bassi.

Lindemann schat dat in de noordelijke Nederlanden tussen 1600 en 1700 maar liefst 5 miljoen schilderijen zijn vervaardigd, een enorm aantal als je beseft dat de calvinistische kerk negatief stond tegenover afbeeldingen. De doeken werden gekocht door de toen opkomende bourgeoisie, die rijk maakten met de overrzeese handel. Sommigen beweren zelfs dat het moderne kapitalisme in Amsterdam is uitgevonden.

Hoe anders is de situatie van Rome, waar de barokkunst in dienst stond van de Kerk en als propagandamachine werd gebruikt in de strijd teghen de Reformatie, de zgn Contrareformatie.

Hier stel ik zeventiental werken voor, voorzien van een korte commentaar.

Meer inlichtingen op:www.mondomostre.it en www.museodelcorso.it

Da Rembrandt a Vermeer
Valori civili nella pittura fiamminga e olandese del ‘600

Curator: Bernd Lindemann, directeur van de Gemäldegalerie van Berlino
Roma, Museo del Corso
11 november 2008 – 15 februari 2009
catalogus: Federico Motta Editore

Hendrick ter Brugghen, (1588 Overijssel ‐ 1629 Utrecht) is één van de zgn. Utrechtse Caravaggisten. Hij kwam in Rome in contact met de kunst van Caravaggio en nam er vooral het clair-obscur van over. In zijn Esau verkoopt het eerstgeboorterecht voor een bord linzesoep legt de kaars enkele mooie lichtaccenten.
Jan Steen, (1625/26 Leiden ‐ 1679 Leiden), Twist tussen kaarters, 1664‐65. Als schilder van genretaferelen is Steen onovertroffen. In dit laat werkje geeft hij de toeschouwer een les: handel niet zo! Let ook op de toneelmatige opstelling van het werk.
Rembrandt Harmensz van Rijn
(1606 Leiden – 1669 Amsterdam), Hendrikje Stoffels. Hendrikje was na de dood van Saskia de vrouw in Rembrandts leven. Zij trouwden niet, wat in die tijd niet vanzelfsprekend was. Rembrandt is nooit naar Italië geweest, maar hij heeft de Italiaanse kunst op een originele manier verwerkt in zijn kunst. De houding van de vrouw verwijst naar portretten van Palma Vecchio, het clair-obscur naar Caravaggio.
De man met de gouden helm stond lange tijd bekend als één van Rembrandts mooiste werken, tot het beroemde en beruchte Rembrandt-onderzoek aantoonde dat het het werk was van een volgeling of assistent. Wat een ontgoocheling. Toch blijft het een schitterend werk.
Willem Pietersz Buytewech, (1591/92‐1624), Interieur met een vrolijk gezelschap. Maar laat je niet misleiden: de schilder veroordeelt dergelijke uitspattingen. Het schilderij is dus moraliserend.
Joachim Anthonisz Wttewael, (1566 Utrecht ‐ 1639 Utrecht), Keukenscène met de parabel van het banket, 1605. Joachim Wtewael (spreek uit: uittewael) was een maniërist uit Haarlem. Let eens op de sierlijke vrouwenfiguur, die in een figura serpentinata staat, ontleend aan Michelangelo. Het behoort dus niet echt tot de 17e-eeuwe kunst, de barok, maar het is van 1605, dus mag het erbij.
Gabriel Metsu, (1629 Leiden ‐1667 Amsterdam), De familie van de burgemeester van Amsterdam, Gillis Valckenier, 1657 circa. De familie zit bijeen in een rijke salon.
Pieter de Hooch (1629 Rotterdam ‐ 1683 Amsterdam), De moeder, uit 1661‐63. Schitterend werkje van de wat onderschatte schilder, die vaak vrouwen schildert die aan het werk zijn. Hier staat de moeder klaar om haar kindje te voeden. In een tweede ruimte valt het zonlicht binnen en een kindje staat klaar om naar buiten te gaan.
Salomon Jacobsz van Ruisdael, (1628/29 Haarlem ‐ 1682 Amsterdam), De Dam in Amsterdam. De kunstenaar woonde rond 1670 in de omgeving van het Damplein. Het schaarse licht valt van links binnen: de dag begint en iedereen maakt zich op om zijn waar op te stellen.
Jan Vermeer, (1632 Delft ‐ 1675 Delft), Het meisje met de parel (1662‐65 circa) is terecht één van de bekendste werken van Johannes Vermeer. Het licht dat van links binnenvalt en de intieme atmosfeer maken er een meesterwerk van.
Frans Hals, (1581/85 Antwerpen ‐ 1666 Haarlem). Ook in Frans Hals' Jongen met fluit, uit 1623‐25 circa, is de invloed van Caravaggio's jongensportretten voelbaar. De jongen is aan het zingen, hij slaat de maat. Het schilderij is dus waarschijnlijk allegorisch te begrijpen: je moet maat houden in alles.
Cornelis de Vos, (1585 Hulst ‐ 1651 Antwerpen), Portret van de kinderen van de kunstenaar, Magdalena en Jan‐Baptist, 1621‐22 circa. De Vos stond bekend om zijn familieportretten, waarbij hij door Van Dijck werd beïnvloed. De mooie kledij moet de sociale status van de afgebeelde onderstrepen.
Nicolaes Eliasz Pickenoy, 1597‐1665, Portret van Cornelis de Graeff. Deze huwelijksportretten werden besteld n.a.v. het huwelijk van de burgemeester van Amsterdam met de dochter van de beroemde advocaat Pieter de Hooft.
Nicolaes Eliasz Pickenoy, 1597‐1665, Portret van Catherina de Hoof, 1636
Anton van Dyck, (1599 Antwerpen ‐ 1641 London), Een portret van een adellijke dame uit Genova, 1621‐22, geschilderd van Anton van Dyck tijdens zijn Italiaanse periode.
Nicolaes Maes, (1634 Dordrecht ‐ 1693 Amsterdam), Oude vrouw die een appel schilt. Het motief van de appelschillende vrouw komt vaak voor in de Hollandse kunst om een voorbeeld te geven van een deugdzame vrouw. Het gebruik van het licht en de hele atmosfeer verwijzen naar Rembrandt van wie Maes een leerling was.
Gerard ter Borch, (1617 Zwolle ‐ 1681 Deventer), De vaderlijke vermaning, 1654‐55 circa. Ter Borch toont ons graag vrouwen van achter. Het gebaar van de vader is duidelijk: hij zal zijn dochter een bolwassing geven. Ter Borch was ook een meester in het weergeven van rijke stoffen.

 Keer terug naar de homepage Italiaanse kunst

Ga naar de homepage Umbria/Toscana

 Ga naar verhuur vakantiewoningen in Umbriė

 Ga naar verhuur vakantiewoningen in Toscane

Uw portaalsite over Italië: www.casa-in-italia.com (informatie en verhuur)