Brunelleschi

 

Wij bespreken hier de koepel van de dom van Firenze en het Ospedale degli Innocenti

Koepel van de Dom

Aan het begin van de 15e eeuw nemen de Florentijnen de uitdaging aan een koepel te bouwen op de gotische dom, de Santa Maria del fiore.  Deze zou een spanwijdte van 42 meter hebben en maar liefst 84 meter hoog moeten worden.  Dit waagstuk was nog maar op ťťn plaats geŽvenaard: het Pantheon in Rome met een diameter van 42,7 meter.

Van 1400 tot 1410 wordt de tamboer geconstrueerd (tamboer: een (vaak) cilindrische onderbouw van een koepelgewelf).  De tamboer wordt 3 meter hoger dan gepland, misschien reeds onder invloed van Brunelleschi, die in deze tijd de basis legt van zijn toekomstige ingrijpen.  Hij reist in ieder geval vaak naar Rome, waar hij zich verdiept in de antieke bouwkunst.

In 1418 wordt een prijsvraag uitgeschreven voor maquettes en tekeningen van het geraamte van de koepel maar ook van de hijstoestellen waarmee het materiaal naar boven kan worden getakeld.  Na heel wat moeilijkheden sleept Brunelleschi de opdracht in de wacht.  Ook hier (net als bij de prijsvraag voor de bronzen poort van de Doopkapel) was Ghiberti zijn belangrijkste rivaal.

De koepel bestaat uit twee schalen die op een achthoekig grondplan rusten.  Hij ontwierp twee koepelschalen, die onderling zodanig verbonden zijn dat ze elkaar versterken.  Tussen beide schalen bevindt zich een ruimte waarin toegangstrappen zijn opgenomen.

Het geraamte bestaande uit spantbogen, in de verticale vlakken geplaatst.

De dubbelwandige koepel is dus opgebouwd uit en wordt gestut door op elkaar liggende ringen.  Deze ringen bestaan uit bakstenen die gerangschikt zijn in een visgraatpatroon.  De koepel bestaat dus uit een combinatie van de gotische spitsboog en de Romeinse visgraatbouw.

Brunelleschi maakte geen halfronde koepel (zoals het Pantheon en vele latere renaissancekoepels), maar en koepel met een spitsboog, omdat hij trouw had gezworen aan het project van 1367 van Neri di Fioravanti.

De spantbogen werden niet stuk voor stuk van de voet tot de top, tot aan de opstaande rand waarop de lantaarn moest komen, gebouwd, maar er werd in horizontale lijnen gewerkt, waarbij iedere laag die werd voltooid, bijdroeg tot de stabiliteit van het geheel.  

In de lantaarn gaat hij bewust antieke elementen integreren, zoals Corinthische kapitelen, de eierlijsten, voluten.

Het feit dat Brunelleschi geen houten formelen gebruikte waarmee men in de Middeleeuwen bogen en koepels ontwierp, maar dat de koepel volgens een zelfdragende bouwtechniek werd gebouwd, wekte bij zijn tijdgenoten grote bewondering op.  

Het visgraatmetselwerk was weliswaar vernuftig, maar dat alleen kon niet voorkomen dat de koepel naar binnen toe in elkaar zou storten.  De werkelijk geniale oplossing die Filippo had bedacht bestond uit een soort rond geraamte waarop de achthoekige buitenstructuur van de koepel gestalte kreeg.  Dat wil zeggen dat de koepel dusdanig was gebouwd dat er in de dikke wand een reeks ononderbroken cirkelvormige kransen was aangebracht.  De binnenwand van de koepel is het dikst (dikker dan de buitenwand), uiteenlopend van meer dan twee meter aan de basis tot anderhalve meter op het hoogste punt.  Met zulke afmetingen was hij breed genoeg om er een cirkelvormig skelet met een dikte van ongeveer vijfenzeventig centimeter in te verwerken.  De binnenwand was gebouwd alsof het een ronde koepel betrof, alleen werden er zowel van binnen als van buiten stukken weggelaten om de achthoekige gewelfvorm te bewaren. 

De beschrijving van de koepel die 'kring voor kring' zou zijn gebouwd (een tijdgenoot), verwijst niet alleen naar de methode van het metselen of de reeks boven elkaar gelegen ringen die de twee wanden vormen.  Het is ook een verwijzing naar de Goddelijke komedie (Divina Commedia) waarin Dante precies dezelfde formulering gebruikt , di giro in giro,  om het paradijs te beschrijven, dat wordt voorgesteld als een reeks van negen concentrische cir≠kels.  De vergelijking van de koepel met Dante's paradijs gaat om verschillende redenen op.  Filippo had Dante bestudeerd en koepels waren van oudsher een symbool van de hemel.  

Het ging om een project, door ťťn man gerealiseerd.  De opdrachtgevers erkennen het bouwwerk als een 'intellectueel' bezit.  De kunstenaar is niet langer een ambachtsman, maar iemand die respect afdwingt. 

De koepel wordt het centrum van de stad, van het landschap.  Hij is een symbool van een nieuwe tijd waarin de mens bewust de wereld in handen neemt. 

Door zijn vernieuwende visie, heeft Brunelleschi de reputatie verworven de eerste Renaissance-architect te zijn geweest.

Hij heeft immers een totaal nieuwe methode bedacht om de wereld te bekijken en te reconstrueren.  Deze techniek heet perspectief en heeft grote invloed gehad op de ontwikkeling van de schilder- en beeldhouwkunst.

Brunelleschi is ook de eerste geweest die een vernieuwde belangstelling voor de Oudheid aan de dag legde.  Als gevolg daarvan vindt men eerst in Firenze, vervolgens in heel ItaliŽ, later in heel Europa een intense waardering, studie en navolging van de oude Romeinse gebouwen.

Ospedale degli Innocenti

In 1419 gaf het gilde van Zijdehandelaars aan Brunelleschi de opdracht om de Ospedale degli Innocenti te ontwerpen.  Het Ospedale, of Vondelingentehuis, werd gesticht als een instituut om wezen op te vangen, op te voeden en als volwaardige burgers te laten uitgroeien.

Het plan van de Ospedale omvat een aantal ruimtes, zoals: refter, kloosters, slaapzalen, infirmerie, cortile..

Twee jaar voordien, had Brunelleschi de opdracht in de wacht gesleept om de dom van de Florentijnse kathedraal te beŽindigen.  Het was in deze jaren dat Brunelleschi, vergezeld door zijn vriend Donatello, verschillende reizen naar Rome ondernam.  Alhoewel er verschillende voorbeelden waren van klassieke invloed in zijn eigen stad, Firenze, wilde Brunelleschi teruggaan naar de bron van de architectuur die hem intrigeerde.  In Rome maakte de meester schetsen, opmetingen en observaties van alle types van Romeinse architectuur.

In het laatmiddeleeuwse Firenze zal het Ospedale wel een vreemde en originele indruk gemaakt hebben.  ItaliŽ is nooit echt overweldigd geweest door de decoratieve gotiek uit Frankrijk (de klassieke Oudheid bleef in de Middeleeuwen in zekere zin doorwerken).  Toch waren er toch enkele belangrijke gotische kerken in Firenze (de Dom en de S. Croce).  Tegenover de gotiek zal de stijl van Brunelleschi wel opgevallen zijn door zijn strengheid.  In de Middeleeuws Florentijnse gebouwen werden elementen uit de Oudheid kriskras, zonder enige vorm van orde toegepast.  Brunelleschi zal daarentegen op een heldere en coherente manier de architectuur van de Oudheid toepassen.  Gedaan met het eclecticisme!

Het Ospedale is het best bekend om zijn loggia met negen bogen.  Deze bedekt de gevel aan de zijde van het plein.  De loggia is gebaseerd op een systeem van getalmatige verhoudingen, die het werk een gebalanceerde, harmonieus uitzicht geven.  Deze idee van mathematische (wiskundige) harmonie die Brunelleschi gedurende zijn studies van de antieke gebouwen herontdekte, zou fundamenteel blijken te zijn voor heel de Renaissance.  De Renaissance was ook een wedergeboorte van de wiskunde.

Omdat Brunelleschi zocht naar juiste verhoudingen tussen de verschillende delen van een gebouw, gebruikte hij een eenheidsmaat, de braccio (arm) die voor alle handwerklui (houtbewerkers, metselaars..) geldig was.  Ook in de bouw van de koepel van de Dom bleek het gebruiken van deze eenheidsmaat een belangrijke stap voorwaarts te zijn.  De precieze en wetenschappelijke manier waarop Brunelleschi zijn werk plande was volledig nieuw in zijn eigen tijd.

De afstand tussen twee zuilen in de loggia is juist 10 braccia, terwijl de zuilen precies 10 braccia hoog zijn.  Iedere travee lijkt dus op een kubus, die zijn eigen "koepel" heeft.

Het Ospedale is een resultaat van Brunelleschi's diep begrip van de mathematische proporties en harmonie.  Brunelleschi introduceerde in de kunst het gebruik van enkele eenvoudige meetkundige figuren, zoals de cirkel, het vierkant, die later zo karakteristiek zouden worden voor de Renaissance.  De helderheid aan de buitenkant weerspiegelt zich in de binnenkant, aangezien de straal van de centrale boog de rest van het gebouw in (bijna) symmetrische delen verdeelt.

Het materiaal (typisch Brunelleschi: marmer en pietra serena) en de versiering die in de Ospedale gebruikt worden zijn minimaal.  Deze beperkt zich tot zuilen van de Corinthische orde, frontons boven de vensters en pilasters op het einde van de loggia.  Hij verwerpt het decoratieve van de gotische stijl en legt meer de nadruk op de structuur van het gebouw die door de toeschouwer onmiddellijk begrepen wordt, aangezien zijn aandacht niet afgeleid wordt door een teveel aan versiering. 

Tussen de zuilen en het fries werden later tondi aangebracht met werk van Andrea della Robbia.

Hoewel Brunelleschi de Oudheid precies bestudeerde, vindt men ook invloeden van lokale, Florentijnse gebouwen, vooral uit de Romaanse tijd, zoals het Battistero en San Miniato al Monte.

Nog enkele afbeeldingen: gevel, detail van de gevel, een kapiteel van de gevel

 Keer terug naar de homepage Italiaanse kunst

Ga naar de homepage Umbria/Toscana

 Ga naar verhuur vakantiewoningen in UmbriŽ

 Ga naar verhuur vakantiewoningen in Toscane

Uw portaalsite over Italië: www.casa-in-italia.com (informatie en verhuur)